Die met confetti strooien, altijd, en vooral op dagen dat er geen enkel feestje te bekennen is. Die touwtjespringen in de lucht, langs de regenboog om de hemel op aarde te halen. Die blijven dansen in de regen, terwijl in de verte wegstervende muziek klinkt. Die op een stoel gaan staan, om de sterren op te hangen als het donker wordt. Die bellen blazen, lentewolkjes van hun adem, als de wereld alsmaar sneller draait. De wereld heeft mensen nodig.