Ik zat in de werkkamer en legde de laatste hand aan het interview met Rob Allard, een toneelschrijver uit Velden. Zijn geboortedag, 14 februari, bleef rondzingen in mijn hoofd. Dat was ook Valentijnsdag, dag van de liefde. Terwijl ik hardop praatte tegen mezelf, stoof een van de kabouters uit het holletje op de tweede verdieping en riep: ‘Valentijn, wie is dat eigenlijk? Heb je eindelijk een vriendje? Ik wil er alles van weten, en zij ook!’ en hij wees naar de kring van kabouters die hem was gevolgd. Ik schoot in de lach. Hond Totó, die lag te slapen in zijn mand, trok verveeld zijn schouders op en gaapte luidruchtig. De kabouters waren op de grond gaan zitten en twaalf paar ogen keken me vol verwachting aan. ‘Nee, ik heb geen vriendje’, begon ik te vertellen. Een lange, teleurgestelde ‘ohhhh…’ vulde de ruimte, Hond Totó bekeek het gezelschap met een schampere blik. Inmiddels waren er ook andere bewoners van de Wereld volgens Luca wakker geworden en Egel, Tuffaut, Beer, Chi-Chi, Engel, Flippie en Flappie waren aangeschoven voor mijn verhaal.
‘Heel lang geleden was er een ietwat opstandige priester met de naam Valentius die in het geheim huwelijken voltrok tussen soldaten en hun geliefden. Keizer Claudius maakte korte metten met de trouwpraktijken van de priester en gooide hem in het cachot. Onze Valentius had echter meer talenten dan alleen verliefde stelletjes in de echt te verbinden, hij was zeer bedreven in wonderbaarlijke genezingen. Op een dag legde hij zijn handen op de ogen van de blinde dochter van de cipier. Toen de jonge vrouw haar ogen opende, was de aanblik van de jonge priester het eerste wat ze zag… en natuurlijk werden ze smoorverliefd op elkaar. Keizer Claudius besloot een stokje, of beter gezegd een zwaard voor deze prille liefde te steken. Op 14 februari 268 werd Valentius onthoofd, nadat hij als laatste daad van zijn grootse liefde een briefje in de kerker achterliet met de woorden: voor altijd de jouwe, liefs van Valentius.
Een paar kabouters sniften, eentje zei zachtjes: ’wat zielig. Dat je de liefde van je leven zo moet kwijtraken.’ ‘Dat is ook zo’, antwoordde ik. ‘Maar Valentius, ofwel Valentijn, staat hierdoor wel aan de basis van wat bijna tweeduizend jaar later een religieuze feestdag is geworden. Mensen verklaren de liefde door een al dan niet anoniem kaartje te sturen aan hun geliefde. Of een mooi bloempje.’
Uit mijn tas hoorde ik een piep, Stout was die ochtend mee geweest naar het ziekenhuis. Ik pakte de zachte, wollige knuffel en zei: ‘wat is er, Stout?’ Het konijntje piepte nogmaals en antwoordde: ‘zullen wij ook eens Valentijnsdag vieren? Dan geven we een pot cashewnotenpasta aan een stelletje in de buitenwereld dat écht en oprecht van elkaar houdt.’
Tumult brak uit, dát vonden de bewoners van de Wereld volgens Luca een goed plan. Pen en papier om te stemmen werd uitgedeeld. Zachtjes fluisterend werden namen genoemd. Soms klonk er ‘boeh’. Eén kabouter mopperde, ze wilde die notenspread ‘selluf’ opeten. Haar buurman siste dat ze niet zo moest zeuren, anders zou hij wel even ‘Keizer Claudius ofwel galgje in het echt’ met haar spelen.
Terwijl de bewoners van de Wereld volgens Luca discussieerden en stemden, liep ik naar mijn kamer en plofte neer op het bed. Ik keek naar buiten, en hoopte dat de mussenclub ook dit jaar weer een nestje zou maken op het dakterras in de grote bak met bamboe. Misschien ook wel een paar merels? Gejuich en geklap haalde me uit deze dagdromerij, er was zonder al teveel gemor een winnend stelletje gekozen. De kabouters gleden via de trapleuning naar beneden, holden de keuken in en maakten ruzie over wie de cashewnotenpasta mocht wegbrengen. En waar was die pot gebleven? De knuffels stootten elkaar aan en gniffelden: Tuffaut had de pot met pasta op de rug van Egel gebonden en ze waren allang onderweg naar de Kwartelenmarkt waar het gelukkige stelletje woonde. Hond Totó stond op uit zijn mand, rekte zich een keer goed uit en duwde met zijn hoofd tegen mijn been. Wandelen? Ja. Naar buiten toe, het zonlicht en de lente tegemoet.
Mooi hoor, Peter zal zich vereerd voelen!!
Een warm en speels Valentijnsverhaal dat me liet glimlachen. De kabouters en knuffels brengen magie en humor, terwijl de legende van Sint-Valentijn ontroert. Fantasierijk en hartverwarmend❤️
Haha, ik zit hier in mijn ‘bos’ en kon even de magische en romantische wereld van Luca bewandelen! Ik zat er helemaal in!! Leuk. ❤️
Peter en ook Bianca voelen zich zėėr vereerd. En dat is eigenlijk een understatement. Hoe mooi en vooral op en top “op z’n Luca’s” geschreven.
Chapeau lieve dame.
Overigens, de cashnewnotenpasta is verrukkelijk.
Peter en Bianca voelen zich inderdaad zėėr vereerd. En dat is zelfs een understatement.
Prachtig geschreven, helemaal “op z’n Luca’s”
Overigens, de cashewnotenpasta smaakt voortreffelijk.
Chapeau Luca.
Niet alleen ikzelf, ook mijn vader was op Valentijnsdag jarig. Wij gaven elkaar die dag extra liefde, lang voordat het een nationale feestdag. Sterker, hij heeft nooit geweten dat het een nationale feestdag zou worden, dat was toen hij stierf nog niet aan de orde. Het samen jarig zijn, was meer dan voldoende en is nu nog steeds.